Uitgemolken consument

Elke dag is er wel iets op tv, radio of in de krant over de economische situatie in Europa. Het gaat niet goed. Je zou daarom denken dat de EU wat kritischer omgaat met het geven van subsidies, maar op het gebied van landbouw is het tegendeel waar. Veel geld gaat naar subsidies voor inefficiënte voedselsystemen en deze hebben een grote impact hebben op het milieu.

Subsidies

Niet alleen de veehouders krijgen subsidies. Ook wordt er geld beschikbaar gesteld voor de promotiecampagne’s. Er gaan enorme bedragen naar de promotiecampagne’s van zuivel.

Zo kreeg de zuivelsector miljoenen toegewezen voor het promoten van zuivel onder kinderen en voor schoolmelk.[1] Maar ook voor algemene zuivelpromotiecampagnes wordt veel geld beschikbaar gemaakt. [2]

De zuivelindustrie kreeg ook jarenlang subsidies, omdat ze dachten dat als gevolg van veranderingen in de EU – exportsubsidies voor zuivel werden afgebouwd en heffingen verlaagd – de melkprijs zou dalen [3]. Er werd jaarlijks 385 miljoen euro door de EU beschikbaar gesteld. Voor een gemiddelde melkboer betekende dit een jaarlijks inkomen van 21.000 euro. Ook in het nieuwe landbouwbeleid blijft deze subsidiestroom gehandhaafd, hetzij op een andere manier.

Maatschappelijke impact

Doordat zuivelproductie slecht voor het milieu is en dit ook kan leiden tot hogere druk op het zorgstelsel zijn de maatschappelijke kosten daarnaast ook hoger dan nodig. Hierover zijn nog geen directe gegevens beschikbaar. Wel is dit uitgezocht voor varkensvlees [4], waar de maatschappelijke kosten op 1,5 miljard euro per jaar lagen.

Het huidige landbouwbeleid houdt in dat er veel promotie van vlees en zuivel gesubsidieerd wordt door de EU. Een onderzoek van het W.H.O. concludeerde dat dit beleid hoogstwaarschijnlijk verantwoordelijk was voor duizenden extra patiënten en doden per jaar [5] [6]. Dit beleid zou dan ook inhouden dat er extra kosten ontstaan in de zorgsector en daarmee de zorgpremies hoog gehouden worden. Verder onderzoek naar de gevolgen van de zuivel- en veesector in zijn algemeenheid op de zorgsector zou dan ook zeer wenselijk zijn.

Dierziekten

Door de intensiviteit van de zuivelsector is er een groter risico op het uitbreken van dierziekten. Als er dierziekten ontstaan kan dit grote kosten opleveren voor de maatschappij. Zorgkosten voor mens, voor dier (preventief) en voor het ruimen (doden) van dieren. Veel dieren worden bij een uitbraak vaak onnodig afgemaakt om de verspreiding van de ziekte tegen te gaan.

Een goed bekend voorbeeld hiervan is de Q-koortsuitbraak die ontstond bij geitenhouderijen in 2007. Dit leidde tot 100.000 menselijke patiënten en daarvan stierven er 25. [7] Het RIVM geeft aan dat deze cijfers mogelijk veel hoger liggen, omdat slachtoffers van chronische Q-koorts niet geregistreerd zijn.[8]

Volgens de Nationale Ombudsman reageerde de overheid laks, waardoor er meer slachtoffers gevallen zijn dan nodig was. [9] De boeren van wie dieren geruimd zijn, zijn snel gecompenseerd door de overheid, terwijl slachtoffers nog steeds wachten op compensatie. De totale kosten van de bestrijding van de Q-koorts liggen op 44 miljoen euro. De helft daarvan is gebruikt voor directe compensatie voor de boeren. [10] Volgens een berekening lag de uiteindelijke economische schade op minimaal 161 miljoen euro. [11]

Zolang de intensieve vee-industrie blijft bestaan zal er altijd een gevaar voor de mens op de loer liggen. In 2011 is er in Nederland een nieuw virus aangetroffen. Het kenmerkt zich door misvormd geboren schapenlammeren met afwijkingen zoals een scheve nek, waterhoofd of stijve gewrichten. Het grootste deel van deze dieren wordt dood geboren. De boosdoener is het Schmallenbergvirus, vernoemd naar een plaats in Duitsland waar dit is gevonden in runderen. Bij koeien veroorzaakt het ‘koeiendiarree’. [12] Het Schmallenbergvirus behoort tot een groep virussen waarvan sommige ook infecties kunnen veroorzaken bij mensen. De kans op infectie bij mensen wordt nu nog zeer klein geschat, maar de mogelijkheid van een mutatie van het virus is aanwezig.

De grote hoeveelheid preventieve antibiotica die door de veesector gebruikt wordt kan zorgen voor resistentie van bacteriën die ziekten kunnen veroorzaken. De intensiviteit van de sector kan ervoor zorgen dat virussen en bacteriën makkelijker verspreiden en de kans op mutaties vergroten. Een mutatie kan ertoe leiden dat een virus op de mens over kan gaan. [13]

Wat kan jij doen?

Wanneer je kiest voor duurzame alternatieven voor zuivel, steun je daarmee de productie van deze alternatieven én steun je bovenstaande praktijken niet. Hoe meer mensen dit doen, hoe groter het effect op de zuivelindustrie en de overheidsmaatregelen. Wees geen dief van eigen portemonnee, steun de zuivelindustrie niet. Kies voor het verlagen van de maatschappelijke kosten, kies voor plantaardige alternatieven.

OVER DE DIERENOVER DE DIEREN

OVER DE DIEREN

en hun jongen

ZONDER ZUIVELZONDER ZUIVEL

ZONDER ZUIVEL

voor gezondheid!

WAT EET/DRINK IK DAN?WAT EET/DRINK IK DAN?

WAT EET/DRINK IK DAN?

Alternatieven op een rijtje

PERSOONLIJKE VERHALENPERSOONLIJKE VERHALEN

PERSOONLIJKE VERHALEN

Lees hier ervaringen van anderen

  • Steun onze campagne voor de promotie van mens-, dier- en milieuvriendelijke zuivelalternatieven!  Steun onze campagne

    by